-
Meest recente berichten
Recente reacties
Anoniem op Bidpijn Evert Roeleveld op Bidpijn Anoniem op Bidpijn Anoniem op Bidpijn Anoniem op Yorkshire Tales Archief
- december 2025
- oktober 2025
- september 2025
- juni 2025
- mei 2025
- maart 2025
- februari 2025
- december 2024
- november 2024
- september 2024
- juli 2024
- mei 2024
- maart 2024
- februari 2024
- januari 2024
- december 2023
- september 2023
- augustus 2023
- juli 2023
- mei 2023
- april 2023
- februari 2023
- januari 2023
- december 2022
- oktober 2022
- september 2022
- juni 2022
- mei 2022
- april 2022
- maart 2022
- januari 2022
- november 2021
- oktober 2021
- juni 2021
- april 2021
- maart 2021
- januari 2021
- november 2020
- oktober 2020
- juni 2020
- mei 2020
- april 2020
- februari 2020
- januari 2020
- december 2019
- november 2019
- oktober 2019
- september 2019
- augustus 2019
- juni 2019
- april 2019
- maart 2019
- januari 2019
- december 2018
- november 2018
- september 2018
- juni 2018
- mei 2018
- maart 2018
- februari 2018
- januari 2018
- november 2017
- oktober 2017
- september 2017
- juli 2017
- mei 2017
- april 2017
- maart 2017
- februari 2017
- januari 2017
- november 2016
- oktober 2016
- september 2016
- juli 2016
- mei 2016
- april 2016
- februari 2016
- januari 2016
- december 2015
- november 2015
- oktober 2015
- september 2015
- augustus 2015
- juli 2015
- juni 2015
- mei 2015
- april 2015
- maart 2015
- februari 2015
- januari 2015
- december 2014
- november 2014
- oktober 2014
- september 2014
- augustus 2014
- juli 2014
- juni 2014
- mei 2014
- april 2014
- maart 2014
- februari 2014
- januari 2014
- december 2013
- november 2013
Categorieën
Meta
Schrijverskeuken najaar 2015
Voor dit najaar staat er weer een nieuwe Schrijverskeuken gepland. We hopen daar onder andere het essay ‘Christenen kunnen niet schrijven’ van Stevo Akkerman te bespreken.
Zie de uitnodiging hieronder. Welkom!
*********
Beste Schrijver-in-Wording,
Graag brengen we je opnieuw op de hoogte: de volgende Schrijverskeuken staat gepland op zaterdag 7 november 2015.
Het gaat om een middagprogram van 14.00 – 17.00/17.30 uur, waarin ook tijd is voor ontmoeting tijdens het nuttigen van koffie/thee/drankje/lekkers.
Lezing en gespreksleiding: Dr. Enny de Bruijn, o.a. journalist, recensent, schrijver van opiniestukken en van een dissertatie over Jacob Revius. Voor meer info: http://ennydebruijn.nl/
Thema: Blokkade en vrijheid; hoe ga je om met de strenge stemmen in jezelf?
Voor wie: Iedereen die schrijft of daartoe aspiraties heeft en wil nadenken over belemmeringen om tot vrijheid te komen. Die belemmeringen kunnen te maken hebben met het literaire niveau dat je jezelf gesteld hebt, met vertrouwen in de kunstenaar in jezelf, met je godsdienst, met je angst voor recensenten en vul zelf maar aan.
Plaats: Zaal D in de Triumfatorkerk, Marco Pololaan 185, 3536 GB Utrecht. Vrije parkeergelegenheid bij het gebouw of aan de straat. Tramhalte twee straten verderop.
Kosten: € 27,50.
Bijgaand alvast een artikel dat inspiratie zal geven voor de lezing en het gesprek daarover. De spits van Akkermans betoog is misschien niet helemaal helder, maar er staat voldoende in dit artikel om het gesprek op gang te brengen. Alleen de (uit zijn verband gerukte) kop al!!
We vernemen graag of je wilt meedoen en sturen je daarna nog een aantal artikelen die je ter voorbereiding op de middag kunt lezen.
HanZelijke-Schrijvers-in-Wording-groet van Christine Stam en Janne IJmker.
ps 1: De Keuken gaat alleen door bij minimaal 15 aanmeldingen (als je je al hebt aangemeld hoeft dat niet opnieuw; gegevens betaling volgen pas na voldoende aanmeldingen).
ps 2: Je mag je opgeven bij Janne IJmker janne.ijmker@solcon.nl.
ps 3: Zegt het voort!!!
Geplaatst in Uncategorized
Plaats een reactie
Down
Mijn column in het Reformatorisch Dagblad van vandaag:
„Narnia!” roept een vriendin me regelmatig ontnuchterend toe. „Maar dat is iets uit Nárnia!” Narnia –naar de verhalen van C. S. Lewis– staat voor het (nog) onbereikbare. Het schone land achter de kleerkast.
Nu sta ik vóór de kleerkast. Naast een wastafel die net door een van de kinderen als klimrek is gebruikt. Die dat op zijn leeftijd niet meer trok en krakend losliet wat hij nog niet los wilde laten. Twee dikke tranen lopen langs zijn verwrongen buizen, een niet te stoppen tranenvloed. Op zoek naar de hoofdkraan, onvindbaar in een donkere bergkast. Boven staat een curverbox gestadig vol te lopen, en beneden koken de bonen droog. De regel dat vrouwen meerdere dingen tegelijk kunnen, heb ik gelukkig nooit onderschreven.
Nadat ik de jongste viermaal heb moeten troosten vanwege dat onheilspellend gedrup in zijn kamer –„Nee hoor, geen haaien (grote lamp aan), kijk maar!”– ga ik verder in ”Zelfontplooiing. Een theologische peiling”. Dat wil dus niet meer. Op dit moment is het peilen van de koffiepot al te veel gevraagd. En vind ik alle theologen nerds. Zou de uitgever misschien nog een lightversie willen uitbrengen? Want het is echt een mooi, evenwichtig boek. Ik heb er lang naar uitgezien. Maar het zou iets concreter kunnen, voor al die vrouwen die zich ’s avonds opkrullen op de bank, vaak met het gevoel dat „het echte leven zich elders afspeelt.”
De zinloosheid en vermoeienis van zo’n losgescheurde wastafel (en alles waar dat symbool voor staat) kunnen mij bezighouden. Diep in mijn botten voel ik dat er een duistere kronkel in dat denken zit, maar die is logisch noch theologisch op te lossen. Dan is het tijd dat Iemand de grote lamp aandoet, het leven uit de schaduwen haalt en met stille stem de toezegging herhaalt. „Vrees niet, staat vast, en ziet…!” Het ”echte leven” is een Persoon. En het geheim moet dan zijn: „Christus in mij, niet mij in andere omstandigheden.”(Elisabeth Elliot).
Wie daarover een ontroerend boek wil lezen, raad ik ”Een plaats van genezing” aan, van Joni Eareckson Tada. Al meer dan veertig jaar is ze verlamd, een hoge dwarslaesie na een ongelukkige duik. Later leed ze bovendien aan een zware, onverklaarbare pijn in lichaamsdelen die ze eigenlijk niet meer zou moeten voelen. Maar haar ziel ontplooide zich; een vlinder naar het licht. Zeer geschikt voor bankhangers. En voor hen die worstelen met onophoudelijke (emotionele) pijn.
Ergens in dit boek kwam ik de peuter Isaiah (!) tegen. Soms is het alsof hij licht geeft. Zijn glimlach schenkt mensen een bovennatuurlijke vreugde. „Zie je wel?” zegt zijn moeder dan. „Isaiah heeft zijn eigen bediening.” Zinloos leven, zegt een test. Maar zij maakte de keuze om hem te houden. De wereld noemt het ”Down”. In Narnia heet het ”Joy”.
Geplaatst in Uncategorized
2 reacties
Thuiskomst
En weer kwamen wij thuis, na twee weken Walcheren. In een stille, noordoostelijke hoek daarvan merk je weinig van mede-Zeelandgangers. (Dat die er in groten getale waren, drong pas tot ons door op ‘zwarte zondag’ in Aagtekerke.) Het was aangenaam verblijven, zoals altijd. Ja, zelfs in die eerste natte week. Hoe vaak maak je nu een heuse zomerstorm mee aan zee? Daarbij betekent vakantie toch: niets moet? Dus moet het ook niet persé zonnig zijn, want dan moet je weer naar het strand en moet je weer bruin bakken etcetera. En als het regent moet je echt niet steeds binnen blijven hoor, vonden de kinderen. Onverdroten dansten ze door op de trampoline, die vrolijk plasjes opwierp bij elke sprong. Ik kon nog net verhoeden dat de ‘huus’ zich in de modderpoelen op het erf ging wentelen, want ‘we zijn nu toch al nat’.
Wat ook dit jaar weer opviel: de exorbitante eetlust die tegelijk met de eerste zeebries lijkt op te steken. Zo erg zelfs, dat we qua brood op rantsoen moesten. Hieronder zie je wat twee gezinnen (12 personen in totaal) in twee weken aan nagerecht wegwerkten.
Bij thuiskomst kreeg ik nog een tip over ‘Thuiskomst’, een fototentoonstelling in Domburg van Frank van Driel, die prachtige, bijna tastbare stillevens (van voedsel, het zeewater loopt alweer in de mond) en Rembrandtachtige portretten met klederdracht kan maken. Ik geef toe dat die linkse hieronder niet een behagelijk soort schoonheid laat zien, maar er is meer. Ga het zien, als u nog badgast bent of hoopt te worden.
Geplaatst in Uncategorized
Plaats een reactie
De ziel reist te voet 2
Mij bereikten signalen dat het hoofdartikel in de vorige link niet goed leesbaar is. Hierbij een betere:
Geplaatst in Uncategorized
Plaats een reactie
De ziel reist te voet
Het verslag van mijn schilderretraite in de Abdij van Egmond-Binnen, zoals vandaag verschenen in het Reformatorisch Dagblad, is nu ook hieronder te vinden. Best confronterend om je zeewierhoofd op de cover terug te vinden…
Geplaatst in Uncategorized
Plaats een reactie
Steeds weer komen wij thuis
Weer thuis, na mijn kloosterervaring in Egmond. Natuurlijk had ik moeten weten dat kloosterkamers geen wifi hebben (ik mocht nog net mijn mobiel houden) en dus geen tussentijds blogje moeten beloven. Helemaal verstild en onthaast stapte ik na vier dagen mijn Kamper voordeur binnen, en stortte mij weer in de dienstbaarheid die ik gelukkig ook bij de monniken heb kunnen afkijken. En nog elke dag tracht ik mijzelf de Benedictijnse gedachte voor te houden dat een vloer boenen even belangrijk en waardevol is als een artikel voor de krant schrijven. Beide hebben te maken met schoonheid en orde. En beide moeten hier gebeuren. Want vrijdag hopen we alweer in de trein te stappen naar Walcheren. Dat betekent: vloeren boenen en koffers pakken. Ondertussen zoemt als een opdringerige mug dat artikel rond in mijn hoofd, over Egmond. Dus dat blogje komt er niet meer. U leest het allemaal maar in de krant, op de laatste julidag DV. Een paar plaatjes nog van de laatste ochtend in Egmond, bij een ruige zee, overgoten met Hollands licht. Links onderin de hoek is nog net mijn ‘zelfportret met zeewier’ te zien. Zeg nou zelf…
Voor ik me weer in mijn habijt van stilte hul, nog een paar boekentips voor wie ook in kloosterlijke sferen wil geraken. In mijn koffer zat ‘Dood van een non’. Nooit erg om daar weer opnieuw in te beginnen, een boek als dit kan dat hebben. Telkens als ik door de Egmondse kloostergang liep, moest ik aan ‘Verboden liefde’ van Dirk Vandyke denken, het dagboek van pater Hilarius die liefde opvat voor zuster Mechthild. Niet bijzonder goed geschreven, wel kwetsbaar en raak gethematiseerd.
En in de ruim gesorteerde kloosterboekhandel vond ik de boekjes van Wil Derkse (o.a. ‘Een levensregel voor beginners’) die de Benedictijnse spiritualiteit ook op het dagelijks leven búiten het klooster probeert toe te passen. Tenslotte: naar Zeeland wil ik graag ‘Rose’ meenemen, van Rosita Steenbeek. www.rositasteenbeek.com/boek/rose. Maar ik wacht me ervoor daar nu al een blogje over te beloven.
Niet alleen Kampen is thuiskomen, ook Walcheren. Voor zover je in een land ook maar ergens thuis kunt zijn zolang de Koning niet is teruggekomen. Maar zoals Bonhoeffer zei: een onvervuld verlangen hoeft geen vervuld leven in de weg te staan. Of C.S. Lewis: “The sweetest thing in all my life has been the longing — to reach the Mountain, to find the place where all the beauty came from…”
Ons houvast heet landschap. Wij planten
de dagen vol bomen en dromen van dijken
en duinen die als we er stranden nog lijken
op wat we bewaren. Wij sparen gedachten
en spannen steeds samen. Het noemen
van namen als vogel of wind overbodig
voor wie zal beamen dat alles wat nodig
is staat waar het hoort. Zoemen van
camera’s blijft achterwege. Wij zeven
de kleuren, belichten de tijd die te ver
voor geluid als een stralende ster
op ons afkomt. Het aldus verkregen
gebied dat we opslaan is houvast en
huis. Steeds weer komen wij thuis.
JOHANNA KRUIT
(Een Zeeuwse dichteres, geboren in 1940 in Zoutelande)
Geplaatst in Uncategorized
Plaats een reactie
Tijd voor het klooster
Voor deze vier kindjes – ja, die kleine blauwoog is ook echt van ons – brak gisteren de Grote Vakantie aan. Wat doe je als moeder dan? Vluchten in een klooster.
Van maandag tot donderdag hoop ik in de Abdij van Egmond te verblijven (www.abdijvanegmond.nl/abdij-van-egmond) om eenzaam te zijn in mijn eigen cel, te tekenen, te schilderen, te schrijven, te wandelen, maaltijden in stilte te gebruiken, vespers bij te wonen en van dit alles een verslag te maken voor het Reformatorisch Dagblad. Misschien dat er ook nog een blogje afkan, dezer dagen.
Ik ben benieuwd wat dit gaat brengen. Nooit eerder zoiets gedaan, want eigenlijk vind ik het geen goed patroon: het hele jaar keihard buffelen om dan een weekje bij te moeten komen in een klooster. Ik meen dat ik altijd door zo’n beetje kloosterlinge dien te zijn. Nee, dat valt ook niet mee. Meestal is de stilte ver te zoeken, mijn ‘cel’ de badkamer waar ik nu en dan vijf minuutjes tot mezelf kom en mijn ‘bibliotheek’ de keuken waar ik met één oog lees en met het andere klepperende pannendeksels in de gaten houd. Soms, als ik het raam open en de wind goed staat, hoor ik nog bronzen klokgelui ook. Maar op kosten van de baas, en met de geruststelling dat man en kinders een fijne logeerpartij elders krijgen, wil ik het best eens proberen, zo’n kloosterretraite. U leest de evaluatie tzt in het RD. En mijn reisgenoot is natuurlijk…Thomas à Kempis:
Boven alles en in alles moet je altijd, o mijn ziel, rusten in de Heer, want Hij is de eeuwige rust van de heiligen. Geef mij, allerliefelijkste en beminnelijkste Jezus, dat ik in U moge rusten boven alle schepselen, boven alle heil en schoonheid, boven alle glorie en eer, boven alle macht en waardigheid, boven alle wetenschap en vernuft, boven alle rijkdommen en kunsten, boven alle vreugde en verrukking, boven alle roem en lof, boven alle zoetheid en vertroosting, boven alle hoop en belofte, boven alle verdienste en verlangen, boven alle gaven en geschenken, die Gij kunt geven en over ons uitstorten, boven alle vreugde en blijdschap, die de geest kan vatten en verstaan, en tenslotte boven de engelen en aartsengelen en boven het hele hemelse heer, boven alle zichtbare en onzichtbare dingen en boven alles, wat Gij mijn God niet zijt.
(uit de ‘Navolging van Christus’)
Geplaatst in Uncategorized
Plaats een reactie
Sterk als de dood is de liefde
Hoog tijd dat er weer eens wat in de ‘boekenkast’ komt. Niet dat ik niks lees, maar lezen is één, en stukjes daarover schrijven twéé. Maar soms vallen die je zomaar toe.
Het is weer eens een bonte boekentafel, in onze huiskamer. Gijs snuffelt wat : “Hee, een nieuw boek van Janne! Is dat mooi?”
“Jaha!” snept een tienjarig stemmetje vanaf andere kant van de bank.
Gijs: “Hoe kan jij dat nu weten!”
Snep: “Ik heb het al twee keer gelezen!”
“Wat??” Daar komt moeder tot de werkelijkheid.
“Is dat echt waar?”
“Jahoor. Ik hou zo van nieuwe boeken…”
Moeder leerde die dag twee dingen: a) prematuurtjes blijven niet altijd klein b) weet welke (nieuwe) boeken je op het kastje in de kamer laat slingeren.
Maar bij dezen een hartelijke aanbeveling van Janne IJmkers nieuwste boek “Wij hadden het leven lief”. Vooral namens mijn dochter, die met haar tweemaal lezen pas echt recht van spreken heeft. Het is vast de kracht van het boek, dat het zowel jong als oud kan boeien. Lien kon zich goed inleven in het meisje Riekie, dat zo graag naar school ging (en thuis zo ‘volwassen’ mee moest werken, wat naar ik hoop iets minder herkenbaar is…)
Maar er zijn nog een paar lijnen: ‘Tapes’ waarop Riekie als oude vrouw haar verhaal vertelt (maar de vraag is of het allemaal klopt), de vaak optimistische en poëtische brieven van de dwangarbeider Samuël die hij aan zijn vrouw schrijft (maar de wolkenlucht erachter wordt steeds donkerder). Lezers weten dat hij haar (en hun ongeboren kind) nooit meer zal zien. En tenslotte zijn er steeds de ‘notities’ van de schrijver, die zichzelf en ons scherpe vragen stelt.
De spanning loopt sterk op in het boek, dat je daarom liefst achter elkaar uitleest. Eigenlijk reis je langs een spoorlijn, met aan de ene railskant de onheilspellend bonkende cadans van onderdrukking, vernietiging en dood. Maar parallel daaraan steeds dat andere lichtende spoor: vriendschap, liefde, speelse vrolijkheid. Het wordt pijnlijk voelbaar: zij hadden het leven lief. Vele wateren kunnen die liefde niet uitblussen. Geen prikkeldraad houdt haar tegen. Maar twee trekken er altijd samen op: sterk als de dood is de liefde.
“Wij hadden het leven lief” – Janne IJmker, uitgeverij Brevier, 17,90 euro.
Geplaatst in Uncategorized
2 reacties
In memoriam: Elisabeth Elliot 1926-2015
“We rejoice for Elisabeth that she is home with her Lord as of 6:15 am, June 15, 2015.”
Vanaf mijn studententijd heb ik veel van haar gelezen, en herlezen. Er was een tijd dat ik dagelijks de daily devotionals las op haar persoonlijke website (helaas is die service al een tijdje unavailable). Korte stukjes, maar werkelijk van dag tot dag vol betekenis voor me. Daarom was het ontroerend om te vernemen dat ze is overleden, en nog ontroerender om dat verwoord te zien zoals in bovenstaande mededeling van Lars Gren, de (derde) echtgenoot van Elisabeth Elliot – zendelinge, en volgens de media een van de invloedrijkste christenvrouwen uit de 20e eeuw.
Ik weet niet of ze dat zelf zo gezegd zou hebben. Eenmaal werd haar door een enthousiaste interviewster gevraagd: “Who’s the real Elisabeth Elliot?” (“Wie is de echte Elisabeth Elliot?”). Antwoord: ““I don’t know, and may God keep me from ever finding out.” (“Ik weet het niet, en God beware me ervoor dat ik er ooit achter zou komen”). Dat vond ik een even verfrissend als geestelijk antwoord. Die totale overgave van haar ‘zelf’ aan God, het erkennen van Christus als Koning op werkelijk alle terreinen van haar leven, en het inzetten van haar schrijfgaven voor dat ene doel, maken haar tot een onvergetelijke getuige uit de grote wolk. (Hebr. 12) En tot een van de invloedrijkste vrouwen van mijn gedachtenleven.
“The secret is Christ in me, not me in a different set of circumstances.”
“I realized that the deepest spiritual lessons are not learned by His letting us have our way in the end, but by His making us wait, bearing with us in love and patience until we are able to honestly to pray what He taught His disciples to pray: Thy will be done.”
Ik hoop dat haar sterven de aanleiding zal zijn tot heruitgave van haar boeken. Bijna twee jaar geleden schreef ik deze column over Elliot:
Zwijgen
Misschien is het niets buitengewoons. Maar als ik auteurs eenmaal heb zien en horen spreken, kan ik geen boek van hen meer openslaan zonder dat hun stem het mij in gedachten voorleest. Judith Koelemeijer bijvoorbeeld. Recent verscheen haar persoonlijke boek “Hemelvaart”, over een verongelukte vriendin. Eerder las ik ‘Het zwijgen van Maria Zachea’, over haar oma die bij het ouder worden in stilzwijgen verviel. Het wordt – in Judiths gearticuleerde zinnen – verteld als een roman. Koelemeijer heeft nooit overwogen om van de ‘intrigerende’ werkelijkheid af te wijken, want daar “valt niet tegenop te verzinnen.” Zou het? Afgelopen zomer verdiepte ik mij in de levensgeschiedenis van Elisabeth Elliot. Ook zij dicteert mij haar wijze woorden sinds ik haar zag op een video: een breekbare vrouw met een lage, beschaafde stem. Ze vertelt daar hoe ze op een avond wandelde met haar latere echtgenoot, Jim Elliot. Ze rustten uit op een begraafplaats. De maan scheen, en plotseling zag ze hoe de schaduw van een stenen kruis precies tussen hen in viel. Na een minutenlange stilte gaat Elisabeth zichtbaar ontroerd verder: “…Ik deed toen wat ik na zoveel jaren opnieuw doe: ik zweeg en kon niet spreken.” Jim komt in 1956 om, als hij samen met vier andere zendelingen probeert een uiterst gewelddadige Indianenstam te bereiken. Ze krijgen een speer in hun borst. Vijf kruisen in de jungle en een oude zwartwit-foto met vijf sprakeloos bij elkaar zittende weduwen maken het verhaal af. Later gaat Elisabeth alsnog bij diezelfde Indianen wonen, die hun fout inzien en zich bekeren tot het christendom. Nog geen tien jaar later wordt de zoon van een zendeling gedoopt door een van de moordenaars van zijn vader. Ze schreef het allemaal op, zonder iets te hoeven verzinnen. En ze blééf schrijven; het bloed der martelaren bleek de onstuitbare inkt van haar pen te zijn. Nu heeft ouderdom haar tot zwijgen gebracht. Het is jammer dat veel van haar werk óf niet vertaald, óf niet meer verkrijgbaar is. Ik heb veel aan deze Amerikaanse te danken; ook dat verzin ik niet. Onbewust brengt ze in praktijk wat ze zelf ‘spiritual motherhood’ noemde, geestelijk moederschap. Elliots stukken over leiding, lijden, eenzaamheid, hoop, liefde, dood, huwelijk en moederschap heb ik vaak herlezen. Ze schrijft niet populair, maar nuchter en geestelijk, haar betogen altijd ondersteunend met bijbelcitaten. Meer nog dan haar stem, blijft me haar spreekpauze op die video bij. Pas als je iemands spreken kent, kun je ook zijn stiltes verstaan. Daardoor meen ik te weten wat het zwijgen van Elisabeth Elliot zegt: “Liefde overleeft alles. Het is, in feite, datgene wat blijft als al het andere ons is ontvallen.” Liefde: slagschaduw van het kruis. Dat laat alle kunstig verdichte fabelen ver achter zich.
Geplaatst in Uncategorized
1 reactie
Van louter twijfel geloven
Mijn column in het Reformatorisch Dagblad van 6 juni:
Tien jaar geleden. Samen met een meisje van amper 1000 gram wordt een ouderpaar geboren, dat op de tast aan een wonderlijke taak begint: het liefhebben van een wezentje met een huid als een vlindervleugel, een ademhaling zo licht dat je er voel-luisterend je lippen voor moet houden. In een ziekenhuisbed de tijd verbeidend dat je haar weer mag zien, bid je zonder ophouden: mag ze leven, mag ze vandaag een paar gram groeien. En de wonderen gebeuren: ze drinkt zelf uit het slangetje langs je vinger, ze krijgt wangetjes, ze mag in de wieg; geen gedoe meer met draden en plakkers. Geen hersenbloedingen, geen beschadigingen. De lofzang is in stilheid tot U, o God.
Een glazen wiegje verder op neonatologie. Op een dag is het leeg, de doeken liggen opgevouwen aan het hoofdeinde. Ze hebben vertrouwen gehad, gepleit op beloftes, veel en vurig gebeden. Maar het bleef doodstil. „We moesten de strijd verliezen.”
Er is een tijd om op te springen en een tijd om te kermen. Die tijden zijn in Zijn hand. Maar wat de één vervult met dankbaarheid, is voor de ander het pijnlijk raadsel van zijn leven. In een Amerikaanse kerk klonk een luid ”Prijs de Heer” bij de mededeling dat een peuter gered was uit het water. Op dat moment ging een ouderpaar in diezelfde gemeente door de grond; hun kindje overleefde het privézwembad niet.
Philip Yancey (Amerikaans christenauteur) schreef een uiterst pastoraal boek over dit soort tegenstellingen. Als een colporteur draag ik het in mijn tas, om ermee voor de dag te komen wanneer ik denk dat het past. Niet iedereen zal zomaar erkennen ”Teleurgesteld in God” te zijn. Dat komt ons net zo ongemakkelijk uit de mond als een luide lofprijzing. Maar zo kan het wel liggen. En dat mag (moet?) ook. Want als het geloof als een hulpeloze baby „ligt te schreien in de wereldnacht: is er dan geen God?” (A. A. van Ruler), als de ademhaling van de hoop stopt, is er niets meer. Óf alles.
Zoals de ene mens gescheiden kan zijn van de andere door bergen van twijfel, onbegrip en verwarring, en toch ontdekt niet te kunnen ophouden met liefhebben, zo kan uit de ashoop van geloven en hopen de liefde oprijzen die God liefheeft om Zichzelf, niet om wat Hij geeft. Een geluk dat zich loszingt van de omstandigheden.
Niet wat er gebeurt, hoe wonderbaarlijk of traumatisch ook, maar onze reactie daarop beslist de strijd, ontdekte Yancey in het Bijbelboek Job. Dáár zien de complete engelen- en duivelenwereld met ingehouden adem op toe. Toen de oud-zendelinge Elisabeth Elliot –keer op keer gebroken in eigen verwachtingen en steunsels– gevraagd werd alles op te noemen wat God haar had geleerd, zei ze eenvoudig: „Trust Me.” (vertrouw op Mij) Van Ruler noemde dat: van louter twijfel gaan geloven.
Geplaatst in Uncategorized
5 reacties














